Wat, poten?’
‘Nee, wadpoten!’
‘O no mister Fawlty, silly me, what a mistake to make!’
Wadpoten, had ik ook bij mijn vorige boot, een Aldebaran met doorlopende kiel.
Hoewel het werkte zoals ik het gepland had, was het toch geen onverdeeld succes.
Welgeteld één vakantie op de Nederlandse/Duitse wadden en ik was voorgoed genezen.
Bij Schier, keurig rechtop dankzij de talies. Lekker het onderwaterschip schrobben voor dat alles droog staat.
Wekker gezet voor ’s nachts. Wekker gaat, lig wakker in mijn kooi te wachten tot we weer gaan staan. Ik voel het schip weer aan de grond komen. Alleen jammer dat we door de stroom een stuk opzij zijn gezeten de ene poot in een kuilt staat en de ander op een bult. Wanneer we scheef beginnen te vallen moet ik alsnog mijn warme kooi uit om één talie te vieren en de ander met veel pijn en moeite door te zetten om weer een beetje redelijk recht te liggen.
Soms ging het redelijk, soms ging het klote. De ene keer was het een mooi zandgrondje, de volgende keer kreeg ik met veel geklooi en grote moeite amper de wadpoot met plaat en al uit de modder. Het enige wat dan hielp was, met de schoorlijn, de plaat snijdend door de bagger, naar voren te trekken.
Bij Wangerooge, goed rondom peilen, alles harde zandgrond dus geschikt om droog te vallen.
’s Nachts ruim op tijd aandek om het zaakje in de peiling te houden. We komen keurig rechtop aan de grond en ik wil net mijn kooi weer in duiken, wanneer de neus toch iets lager ligt dan de bedoeling is. Peilen rondom laat zien dat we met het achterste deel van de kiel op harde grond liggen, maar dat er voor een modderput zit waar kiel en wadpoten gezamenlijk in wegzakken. Ik haal de talies zo ver door dat de toppen van de wadpoten, die normaal iets van één meter boven dek uitsteken, nu net met de talies “two bloks” boven de terminals uitsteken. Toch blijft de neus zakken tot we iets meer dan dertig graden voorover liggen. Van slapen komt er natuurlijk niets meer en wanneer het water weer opkomt staat het tot op het voordek, voordat we door veel heen en weer stampen en op de giek zittend van BB naar SB te zwaaien eerst langzaam en dan met een “sprongetje” weer los komen.
Zo hebben we leuke en minder leuke dingen meegemaakt, die tegen elkaar afgewogen en mede uit gemakzucht, de balans doen door slaan naar ‘Ik hoef niet meer!’
Voor wie toch zo nodig op eigen kiel wil staan

, hier een simpel tekeningetje van de pootjes.